Een monteur staat bij een machine die al jaren draait. Een onderdeel is versleten. Hij weet precies waar het zit en wat er vervangen moet worden.
Wat hij niet weet, is het artikelnummer. Hij zoekt in een handleiding. Zoomt in op een PDF. Twijfelt tussen twee varianten. Belt de binnendienst. Daar wordt dezelfde tekening geopend, het ERP geraadpleegd, het artikelnummer gecontroleerd en de bestelling verwerkt. Soms gaat het in één keer goed. Soms volgt er een correctie of retour.
Dit scenario is in veel technische organisaties dagelijkse praktijk.
Wat op de werkvloer een klein moment lijkt, heeft op organisatieniveau grote impact. Spare parts zijn geen bijproduct, maar een volwaardige inkomstenstroom. Volgens onderzoek van McKinsey bedraagt de EBIT-marge op aftermarket services gemiddeld 25 procent, vergeleken met circa 10 procent op nieuwe machines. Deloitte berekende dat aftermarket services gemiddeld 25 tot 30 procent van de omzet vertegenwoordigen, maar meer dan 50 procent van de totale winst.
De vraag is dan niet alleen hoe je spare parts beschikbaar maakt, maar hoe je het bestelproces zó inricht dat het begrijpelijk, betrouwbaar en schaalbaar blijft. En hoe je voorkomt dat omzet die van nature bij jou hoort, elders terechtkomt.
Daar komen exploded views in beeld.